Het is zo stil in onze winkel op die dinsdagmorgen in de herfstvakantie. De ene na de andere hevige regenbui teistert Barneveld. Het lijkt wel zondagmorgen. Geen mens op straat. Plots krijg ik bezoek van onze regiomanager en hij vraagt of ik even tijd heb. Ja, natuurlijk.
Na wat koetjes en kalfjes toont hij mij een foto genomen door een collega (Stasi) over mijn buitenbord. Ik zeg: dat ziet er niet uit, halfverplakte aanbiedingen. Niet Keurslagerwaardig. Allerlei excuses kan ik aanvoeren, maar de aangever heeft gelijk. Hoeveel collega’s hebben af toe ook hun zwakhedenbetreffende bedrijfsvoering en uitstraling? Ik kijk ieder jaar weer met respect naar de deelnemers en de finalisten van de Slagerij van het Jaar. Ik benijd ze dat ze alles zo goed voor elkaar hebben. Het zijn net tienkampers; ze zijn in alle onderdelen toppers. Maar daaronder zitten honderden collega’s die ook met plezier en met passie hun vak uitoefenen. Deze collega’s, onder wie ik, doen ook hun uiterste best. Maar wij spelen gewoon een divisie lager.
Toch hoeven wij geen minderwaardigheidscomplex te hebben. Het hart voor ons ambacht is er heus wel, maar door omstandigheden als huisvesting, medewerkers, financiën en bedrijfsblindheid zitten we net onder de top. Om nog maar niet te spreken over de supers die minachting hebben voor een slachtdier dat te kort geleefd heeft en minder waard is per kilo dan twee drankjes op een gezellig terras. Wij slagers hebben allemaal de bezieling om het beste van ons naar boven te halen. Straal het uit en die glimlach komt altijd weer bij u terug. De ambachtelijke bakkers hebben sterren die stralen, waarom hebben wij slagers geen Top 100? Als kleine jongen hielp ik mijn moeder per toerbeurt met het afwassen. Het warme water in de afwasbak gaf ontspanning en we praatten vrijuit over van alles. Je had een band met elkaar. Dat was echte communicatie. Als ik nu mijn handen was, denk ik daar nog vaak aan terug. Gooi al die sociale media maar in een warm bad. Want er worden daar zoveel toneelstukjes opgevoerd om elkaar te behagen en het is altijd geweldig. Dit weerhoudt vele collega’s ervan om te acteren in het theater dat Twitter heet.
Het gaat u naar den vleze,
Jan Joosten







