
Dat zijn het ministerie en de Nepluvi overeengekomen in een convenant. De organisatie van pluimveeslachterijen laat onderzoek doen bij alle 17 pluimveeslachterijen.
Om erachter te komen hoe hoog het percentage besmettingen met campylobacter is, worden wekelijks monsters genomen, meldt het Agrarisch Dagblad.
Bij een te hoog niveau, moet de slachterij zelf het productieproces doorlichten. De pluimveesector als geheel draagt de 50.000 euro onderzoekskosten. Het ministerie draagt jaarlijks bijna 100.000 euro bij.
Onderzoek naar bron
VWS laat het RIVM de bronnen van de besmetting onderzoeken. Daarnaast doet de VWA, het nationaal referentielaboratorium voor campylobacter, onderzoek naar campylobacter bij eindproducten in de winkel.
De resultaten worden na twee jaar geïnventariseerd, om te kijken of verdere maatregelen nodig zijn.
Nepluvi-voorzitter Jan Odink noemt het ondertekende convenant belangrijk, ‘niet alleen voor de volksgezondheid, maar ook voor het imago van de Nederlandse pluimveesector’.
Lees ook:
Campylobacter-vaccin werkt in lab (5 december 2008)
Twee derde kip Belgische super 'slecht' (27 oktober 2008)
Vleeskuikenslachterijen monitoren campylobacter (12 juni 2008)
Bekijk ons nieuwsoverzicht voor:
Alle artikelen over campylobacter





